De correcte spelling is samen, met een s. De verwante woorden tezamen en gezamenlijk worden met een z geschreven.
Een samenstelling is een woord dat bestaat uit twee of meer grondwoorden of delen (keukentafel; geletruidrager = drager van de gele trui). Elk deel van de samenstelling bestaat ook als afzonderlijk woord (keuken en tafel; gele, trui en drager).
Een afleiding is een woord dat bestaat uit een grondwoord en een of meer voor- of achtervoegsels (onschuldig). Het grondwoord is het deel van de afleiding dat ook als afzonderlijk woord bestaat (schuld). De voor- en achtervoegsels zijn de delen die niet als afzonderlijk woord bestaan (on- en -ig).
Taaladvies.net
→ Termenlijst: Samenstelling
→ Termenlijst: Afleiding
Samenstellingen met een eigennaam als linkerdeel worden aaneengeschreven.
- Afrikamissie, Applemedewerker, Beatlesfan, Ensortentoonstelling, Greenwichtijd, Rembrandthuis, Wordtekst
In samenstellingen met een eigennaam die uit verschillende woorden bestaat, blijven de spaties of koppeltekens tussen de delen van de eigennaam staan.
- Heilig Hartinstituut, Keizer Karelplein, Middellandse Zeegebied, Raymond van het Groenewoudplaat, Rode Kruiswagen, Sri Lankareis, Tweede Kamerfractie, Boven-Scheldegebied, Zuid-Afrikabezoek
Voor de leesbaarheid kan er een facultatief koppelteken na de eigennaam staan. Op die manier kunt u bijvoorbeeld een merknaam beter laten uitkomen.
- Alhambragebouw / Alhambra-gebouw
- Dafalgangebruiker / Dafalgan-gebruiker
- Suske en Wiskealbum / Suske en Wiske-album
- Wordtekst / Word-tekst
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Eigennamen
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Woordgroep in samenstelling
Samentrekking is een vorm van nevenschikking waarbij identieke woorden of woorddelen bij maar één lid worden uitgedrukt en bij de overige leden worden weggelaten. Bij samentrekkingen waarbij een woorddeel wordt weggelaten, komt er een weglatingsstreepje op de plaats waar het deel is weggelaten. Als er een volledig woord wordt weggelaten, komt er geen weglatingsstreepje.
- radio- en televisieprogramma's (= radioprogramma's en televisieprogramma's)
- het eerste en het tweede leerjaar (= het eerste leerjaar en het tweede leerjaar)
- Ze bleef staan en keek op haar horloge. (= ze bleef staan en ze keek op haar horloge)
- Ze kon niet meer lezen of televisiekijken. (= ze kon niet meer lezen of ze kon niet meer televisiekijken)
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Samentrekking
Taaladvies.net
→ Particulier- / particulier en ziekenfondsverzekerden
→ Samentrekking bij inversie
→ Hier zet men thee en over
→ Die / dat (elke onderwijsinstelling of bedrijf -)
→ De wet- en regelgeving worden / wordt niet toegepast
→ Winst- en verliesrekening / winst-en-verliesrekening
Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)
→ De samentrekking
Sarcasme is bijtende spot. Die kan bijvoorbeeld geuit worden door prijzende taal die in flagrante tegenspraak is met wat kennelijk bedoeld is. Bij sarcasme is de toon scherper en de houding kritischer dan bij ironie.
- (een ouder tegen een kind met een slecht rapport) Je bent weer eens de beste leerling van de klas!
- (een leerkracht tegen een leerling die te laat komt) Lekker uitgeslapen?
- (over iemand die heel vals zingt) Je zus is helemaal klaar voor het Eurovisiesongfestival.
- (over iemand die luid snurkt) Hij heeft vannacht weer als een roos geslapen.
De grens tussen ironie en sarcasme is niet altijd eenvoudig te trekken omdat de context en de toon van een uiting sterk bepalen of iets als milde of bijtende spot wordt ervaren. Als sarcasme een uiting is van een stuitend of pijnlijk ongeloof in de oprechtheid of goede bedoelingen van de mensen, spreken we van cynisme.
Taaladvies.net
→ Ironie / cynisme / sarcasme
Scampi en scampi's zijn in het Nederlands allebei correcte meervoudsvormen.
Het woord scampi hebben we ontleend aan het Italiaans, waarin het de meervoudsvorm van scampo is. Maar scampo wordt in het Nederlands niet gebruikt, waardoor velen scampi als een enkelvoud beschouwen en er – volgens het Nederlandse systeem – een s aan toevoegen om het meervoud te vormen: scampi's. Daarnaast wordt ook de Italiaanse meervoudsvorm scampi gebruikt.
Taaladvies.net
→ Scampi / scampi's
De correcte spelling is sceptisch, met een c.
Taaladvies.net
→ Sceptisch, scepter (uitspraak)
Zowel de uitspraak [septies] als de uitspraak [skepties] is correct. Sommige taalgebruikers willen voor sceptisch niet de uitspraak [septies] gebruiken omdat dan verwarring met septisch mogelijk is. Dat hoeft geen bezwaar te zijn: de context wijst meestal uit welk woord bedoeld is.
Taaladvies.net
→ Sceptisch, scepter (uitspraak)
Het werkwoord scheppen kan een zwakke of een sterke vervoeging hebben. Er is een betekenisverschil tussen het zwakke en het sterke werkwoord. Het zwakke werkwoord scheppen betekent 'putten, ergens uit halen' of 'verwerven, opdoen'.
- ik schep, jij schept, wij scheppen
- ik schepte, wij schepten
- ik heb geschept
- het geschepte water
Als sterk werkwoord betekent scheppen 'creëren'.
- ik schep, jij schept, wij scheppen
- ik schiep, wij schiepen
- ik heb geschapen
- het geschapen precedent
Taaladvies.net
→ Scheppen: schepte / schiep
Afhankelijk van de betekenis wordt het werkwoord scheren onregelmatig (schoor, geschoren) of regelmatig (scheerde, gescheerd) vervoegd. Als scheren de al dan niet figuurlijke betekenis 'afknippen, afsnijden, bijsnijden' heeft, is de vervoeging onregelmatig.
- Hij heeft zich niet geschoren.
- Vroeger schoren monniken hun kruin.
- Mijn buurman heeft de haag geschoren.
- Jongeren worden vaak over dezelfde kam geschoren.
Als scheren 'rakelings langs iets gaan' betekent, is de vervoeging regelmatig.
- Het vliegtuigje scheerde langs de verkeerstoren.
- Het bedrijf scheert langs de rand van de afgrond.
- Het Belgische elftal scheerde geen hoge toppen.
- De bal scheerde de lat.
Ook regelmatig zijn gekscheren ('schertsen') en zich wegscheren ('maken dat je wegkomt').
- Na lang te hebben gegekscheerd over vervoegingen, scheerden we ons wijselijk weg.
Benamingen van schoolvakken, opleidingsonderdelen, vakgebieden en specialismen schrijven we met een kleine letter, behalve wanneer woorden volgens de spellingregels met een hoofdletter geschreven moeten worden, zoals namen van talen.
- het vak wiskunde, de les economie, orthopedagogiek
- Grieks, Engels, het vak Amerikaanse geschiedenis
- Katleen heeft gisteren wiskunde gestudeerd.
- Joris heeft zich gespecialiseerd in intensieve zorg.
In een schoolagenda, schoolrapport of curriculum, waarin vakken of opleidingsonderdelen onder elkaar opgesomd staan, schrijven we meestal alle namen met een beginhoofdletter. We doen dat dan omdat de namen in een lijst staan.
In titels en academische graden worden de vakgebieden en specialismen ook klein geschreven.
- Katleen is bachelor in de wiskunde.
- Joris studeert voor master in de wiskundige informatica.
- Els is doctor in de ingenieurswetenschappen.
De officiële benamingen van studierichtingen en opleidingen worden als eigennamen beschouwd en met hoofdletters geschreven.
- de studie Wiskunde, de leerlingen van de richting Wetenschappen-Wiskunde, de opleiding Geneeskunde, de bachelor(opleiding) Wiskunde, de master(opleiding) Journalistiek, studenten van de opleiding Algemene Economie
- Sara studeert Algemene Letteren.
Benamingen van vakgebieden en specialismen krijgen ook een hoofdletter als ze officiële aanduidingen voor een subentiteit van een organisatie zijn, bijvoorbeeld van een universiteit of een ziekenhuis.
- de vakgroep Wiskunde, de afdeling Kunstgeschiedenis, de afdeling Intensieve Zorg
- An studeert aan de faculteit Geneeskunde en Farmacie van de VUB.
Taaladvies.net
→ Studierichting Toegepaste Taalwetenschap (hoofdletters?)
Schoonbroer en zwager hebben dezelfde betekenis, namelijk 'de broer van iemands partner' of 'de mannelijke partner van iemands zus of broer'. In ruimere zin hebben schoonbroer en zwager ook de betekenis 'de mannelijke partner van de broer of zus van iemands partner'. Zowel schoonbroer als zwager is standaardtaal, maar schoonbroer wordt hoofdzakelijk in België gebruikt, terwijl zwager vooral in Nederland gangbaar is.
Algemeen gangbaar in het hele taalgebied als aanduidingen voor aangetrouwde familieleden zijn: schoonzus, schoonmoeder, schoonvader, schoondochter, schoonzoon en schoonfamilie. Sporadisch komt ook schoonkinderen voor als verzamelnaam voor iemands schoonzoons en schoondochters.
Taaladvies.net
→ Schoonbroer, zwager
Kuisen is standaardtaal in het hele taalgebied in de figuurlijke betekenis 'zuiveren van ongepaste taal of stijl, censureren'.
- In de gekuiste versie van het lied is 'fuck you' vervangen door 'forget you'.
In België wordt kuisen ook gebruikt in de betekenis 'schoonmaken'. In die betekenis is kuisen geen standaardtaal. Alternatieven zijn, afhankelijk van de context: schoonmaken, reinigen, poetsen, schrobben, wassen, zuiveren, opvegen, wegvegen, zemen, lappen.
- Het wordt tijd dat je je kamer
kuist schoonmaakt.
Taaladvies.net
→ Kuisen / schoonmaken
Afhankelijk van de betekenis wordt het werkwoord scheren onregelmatig (schoor, geschoren) of regelmatig (scheerde, gescheerd) vervoegd. Als scheren de al dan niet figuurlijke betekenis 'afknippen, afsnijden, bijsnijden' heeft, is de vervoeging onregelmatig.
- Hij heeft zich niet geschoren.
- Vroeger schoren monniken hun kruin.
- Mijn buurman heeft de haag geschoren.
- Jongeren worden vaak over dezelfde kam geschoren.
Als scheren 'rakelings langs iets gaan' betekent, is de vervoeging regelmatig.
- Het vliegtuigje scheerde langs de verkeerstoren.
- Het bedrijf scheert langs de rand van de afgrond.
- Het Belgische elftal scheerde geen hoge toppen.
- De bal scheerde de lat.
Ook regelmatig zijn gekscheren ('schertsen') en zich wegscheren ('maken dat je wegkomt').
- Na lang te hebben gegekscheerd over vervoegingen, scheerden we ons wijselijk weg.
We gebruiken het onderscheid spreektaal / schrijftaal om naar stilistische variatie in het woordgebruik te verwijzen. Onder schrijftaal verstaan we woorden en woordcombinaties die vooral in geschreven taal voorkomen; met spreektaal duiden we woorden en woordcombinaties aan die typisch zijn voor gesproken taal. Het onderscheid tussen spreektaal en schrijftaal komt in grote mate overeen met het onderscheid tussen informeel en formeel taalgebruik.
Met de termen spreektaal / schrijftaal wordt soms ook het onderscheid gemaakt tussen gesproken en geschreven taal, los van de stilistische variatie. Spreektaal verwijst dan naar alle uitingen van gesproken taal, schrijftaal naar alle uitingen van geschreven taal.
Taaltelefoon
→ In duidelijk Nederlands: Woordgebruik
→ In duidelijk Nederlands: Eigenlijke tekst
Taaladvies.net
→ Termenlijst: Schrijftaal / spreektaal
De woorden sedert en sinds zijn synoniemen. Ze worden gebruikt om te verwijzen naar een tijdstip of een periode in het verleden. Als voorzetsel hebben ze de betekenis 'vanaf het genoemde tijdstip' en 'gedurende de genoemde periode'. Als voegwoord hebben ze de betekenis 'vanaf het tijdstip dat' en 'gedurende de periode dat'. Synoniemen van de voorzetsels sinds en sedert zijn: vanaf, per, met ingang van. Sedert is wat formeler dan sinds. In gesproken taal wordt meestal sinds gebruikt.
- Sinds / sedert 1 maart heeft het bedrijf een nieuwe algemeen directeur.
- Hij is sinds / sedert drie maanden algemeen directeur van dat bedrijf.
- Sinds / sedert hij voor dat bedrijf werkt, moet hij vaak naar het buitenland.
Taaladvies.net
→ Vanaf / per 1 augustus
→ Sinds drie dagen
Semester is een het-woord.
- Bij het begin van het tweede semester worden de studenten in werkgroepen verdeeld.
- Dat semester was naar mijn gevoel erg snel voorbij.
- Aan het einde van elk semester worden examens afgenomen.
In de standaardtaal is semester als de-woord niet correct: de semester*, die semester*, elke semester*.
Taaladvies.net
→ Woordgeslacht (algemeen)
De betekenis van semester is 'periode van zes maanden, een halfjaar'. Een periode van drie maanden is een trimester of kwartaal.
Signaalwoorden, verbindingswoorden en verwijswoorden zijn woorden die samenhang brengen in een tekst. Ze worden daarom ook structuuraanduiders genoemd. De begrippen signaalwoord, verbindingswoord en verwijswoord worden niet altijd op dezelfde manier gedefinieerd. Vooral tussen signaalwoord en verbindingswoord is er sprake van grote overlapping; veel naslagwerken beschouwen ze als synoniemen.
Verbindingswoorden of signaalwoorden verbinden zinnen of tekstdelen en geven aan wat voor verband er tussen die zinnen of tekstdelen bestaat. Ze 'signaleren' bijvoorbeeld een volgorde in de tijd, een opsomming, een tegenstelling, een voorwaarde of een oorzaak-gevolgrelatie. Als verbindingswoorden treden voegwoorden (zoals maar, als, omdat) en bijwoorden (zoals toch, namelijk, daarna) op, maar ook bepaalde vaste verbindingen en formuleringen (zoals in elk geval, dat wil zeggen) kunnen als verbindingswoorden worden beschouwd.
- De laatste decennia is het aantal paarden in Vlaanderen sterk toegenomen. Land- en tuinbouwgronden worden bijvoorbeeld vaker gebruikt voor recreatieve en professionele paardenhouderij. Planologen spreken daarom van de verpaarding van het platteland. Verpaarding kan positieve economische gevolgen hebben, maar leidt er dikwijls toe dat het landschap een rommelige aanblik krijgt. Bovendien kan het fenomeen een bedreiging vormen voor de professionele land- en tuinbouw.
Verwijswoorden verwijzen terug naar iets wat eerder genoemd is, of wijzen vooruit naar iets wat kort daarna genoemd wordt. Op die manier voorkomen ze herhaling van dezelfde woorden. Als verwijswoorden treden voornaamwoorden (zoals hij, haar, ons, het, die, deze), aanwijzende voornaamwoordelijke bijwoorden (zoals erin, daartussen, waarop) en bijwoorden met verwijzende functie (zoals nu, daar, dan, zo) op.
- Toen hij haar dat cadeau gaf, vroeg ze hem om ermee te schudden.
- Dit zijn de winnaars van onze wedstrijd: Paul, Dave en Mick.
De woorden sinds en sedert zijn synoniemen. Ze worden gebruikt om te verwijzen naar een tijdstip of een periode in het verleden. Als voorzetsel hebben ze de betekenis 'vanaf het genoemde tijdstip' en 'gedurende de genoemde periode'. Als voegwoord hebben ze de betekenis 'vanaf het tijdstip dat' en 'gedurende de periode dat'. Synoniemen van de voorzetsels sinds en sedert zijn: vanaf, per, met ingang van. Sedert is wat formeler dan sinds. In gesproken taal wordt meestal sinds gebruikt.
- Sinds / sedert 1 maart heeft het bedrijf een nieuwe algemeen directeur.
- Hij is sinds / sedert drie maanden algemeen directeur van dat bedrijf.
- Sinds / sedert hij voor dat bedrijf werkt, moet hij vaak naar het buitenland.
Taaladvies.net
→ Vanaf / per 1 augustus
→ Sinds drie dagen
Sjiek is een zelfstandig naamwoord, chic kan zowel een zelfstandig naamwoord als een bijvoeglijk naamwoord zijn.
Het correct gespelde bijvoeglijk naamwoord is – zoals in het Frans – chic: een chic hemd. Bij de verbogen vorm en de vergrotende trap van chic verandert de spelling om een verkeerde uitspraak te voorkomen: een chique jurk, chique hemden, chiquere kleren. Bij de overtreffende trap blijft de oorspronkelijke spelling behouden: de chicste kleren. De vormen sjieke*, sjieker*, sjiekere*, sjiekste*, chiquest* en chiqueste* zijn niet correct.
Als zelfstandig naamwoord komt in het Nederlands zowel chic als sjiek voor, maar die woorden hebben niet dezelfde betekenis. Chic heeft als betekenis 'verfijning, elegantie' en 'de mensen die chic zijn': de chic van haar kleding, de Brusselse chic. Sjiek wordt in de standaardtaal nog maar af en toe gebruikt, als synoniem voor pruimtabak ('tabak die geschikt is om op te kauwen') of tabakspruim ('hoeveelheid tabak die in de mond genomen wordt om op te kauwen'). Sjiek is geen standaardtaal in de betekenis 'kauwgom'.
Taaladvies.net
→ Sjiek / chic, sjieke / chique
Slagen is geen standaardtaal in de betekenis 'slaan'.
- Je moet hard tegen de bal
slagen slaan.
- Hij
slaagt slaat erop los.
- Het jongetje
slaagt slaat zijn eten naar binnen.
- De kinderen zijn niet van de hertjes weg te
slagen slaan.
- Als hij boos is,
slaagt slaat hij alles kort en klein.
- We
slagen slaan ons er wel doorheen.
- We moeten hier rechtsaf
slagen slaan.
Vervoeging:
- ik sla, jij slaat, wij slaan
- ik sloeg, wij sloegen
- ik heb geslagen
- een geslagen hond
Het werkwoord slagen is wel correct in de betekenissen 'zijn doel bereiken' en 'met succes examen doen'.
- Hij is erin geslaagd iedereen op te trommelen voor het verrassingsfeestje.
- Ze is geslaagd voor haar rijexamen.
Vervoeging:
- ik slaag, jij slaagt, wij slagen
- ik slaagde, wij slaagden
- ik ben geslaagd
- een geslaagd feest
Taaladvies.net
→ Geslaan / geslagen
Slagen is geen standaardtaal in de betekenis 'slaan'.
- Je moet hard tegen de bal
slagen slaan.
- Hij
slaagt slaat erop los.
- Het jongetje
slaagt slaat zijn eten naar binnen.
- De kinderen zijn niet van de hertjes weg te
slagen slaan.
- Als hij boos is,
slaagt slaat hij alles kort en klein.
- We
slagen slaan ons er wel doorheen.
- We moeten hier rechtsaf
slagen slaan.
Vervoeging:
- ik sla, jij slaat, wij slaan
- ik sloeg, wij sloegen
- ik heb geslagen
- een geslagen hond
Het werkwoord slagen is wel correct in de betekenissen 'zijn doel bereiken' en 'met succes examen doen'.
- Hij is erin geslaagd iedereen op te trommelen voor het verrassingsfeestje.
- Ze is geslaagd voor haar rijexamen.
Vervoeging:
- ik slaag, jij slaagt, wij slagen
- ik slaagde, wij slaagden
- ik ben geslaagd
- een geslaagd feest
Taaladvies.net
→ Geslaan / geslagen
De kleine zeetongen die vaak in restaurants worden opgediend, zijn sliptongen.
Taaladvies.net
→ Slibtong / sliptong
's Maandags en maandags zijn allebei correct, zonder verschil in betekenis. 's Maandags is gebruikelijker dan maandags.
- 's Maandags / Maandags gaat zij naar de bibliotheek.
Op maandag en elke maandag zijn ook goed.
Taaladvies.net
→ Zaterdags / 's zaterdags, zondags / 's zondags
Sms is een initiaalwoord uit het Engels, dat staat voor short message service. Het meervoud van het zelfstandig naamwoord sms is sms'en. Het verkleinwoord is sms'je. Het werkwoord is sms'en.
Vervoeging van het werkwoord sms'en:
- ik sms, jij sms't, wij sms'en
- ik sms'te, wij sms'ten
- ik heb ge-sms't
- een ge-sms'te boodschap
In samenstellingen met sms komt er een koppelteken voor en achter sms: sms-bericht, ketting-sms.
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Combinaties met cijfers, losse letters en afkortingen
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Afleiding - bijzonder geval: afleiding van letter, cijfer, symbool of initiaalwoord
→ Leidraad: Samenstelling - bijzondere gevallen met koppelteken
Taaladvies.net
→ Sms-en / sms'en
Vervoeging:
- ik snij / ik snijd, jij snijdt, hij snijdt, wij snijden
bij inversie: snij ik / snijd ik, snijdt je broer, snijdt hij
bij inversie met je/jij als onderwerp: wat snij je / snijd je eerst, snij jij / snijd jij de groenten
- gebiedende wijs: snij / snijd het brood!
- ik sneed, jij sneed, hij sneed, wij sneden
- ik heb gesneden
Waar twee vormen mogelijk zijn, is zowel in gesproken als in geschreven taal de vorm zonder d het gewoonst.
Taaladvies.net
→ Hou(d) op, ik hou(d) daar niet van
→ Leiddraad / leidraad
Bij het werkwoord solliciteren is zowel het voorzetsel voor als naar correct in de betekenis 'zich kandidaat stellen voor een bepaalde functie': solliciteren naar een baan, solliciteren voor een baan.
- Zij heeft naar een nieuwe baan gesolliciteerd.
- Hij wilde graag voor die aantrekkelijke baan solliciteren.
In de betekenis 'zich op de hals halen, min of meer bewust aansturen op' is alleen het voorzetsel naar correct.
- Zij solliciteerde naar haar ontslag.
- Hij solliciteerde naar bitsige reacties.
Bij het werkwoord solliciteren zijn ook nog de voorzetsels op en bij mogelijk.
- Hij solliciteerde op een advertentie van de Nederlandse overheid.
- Zij solliciteerde bij Belgacom.
Taaladvies.net
→ Solliciteren voor / solliciteren naar
Als sommige naar personen verwijst en zelfstandig gebruikt wordt, schrijven we sommigen. Sommige is zelfstandig gebruikt als er niet meteen een zelfstandig naamwoord op volgt en sommige ook niet aangevuld kan worden met een zelfstandig naamwoord uit dezelfde zin of de zin die onmiddellijk voorafgaat.
- Hoe komt het dat sommigen opvallend veel zweten?
- Sommigen hebben ook altijd geluk.
- De positieve reacties waren sommigen van het bestuur een beetje in de bol geslagen.
- Sommigen onder hen willen terugkeren omdat de levensomstandigheden te zwaar zijn.
In de constructie sommige van ... is zowel de vorm met -n als zonder -n correct als er na van met een meervoudig zelfstandig naamwoord wordt verwezen naar personen.
- Sommigen / sommige van de congresdeelnemers ken ik nog van vroeger.
In de andere gevallen schrijven we altijd sommige.
- De meeste buren wilden nog met ons mee. Sommige kwamen om afscheid te nemen. (= sommige buren)
- Veel congresdeelnemers ken ik nog van vroeger. Sommige zijn voor mij onbekend. (= sommige congresdeelnemers)
- Bij veel apensoorten is de staart langer dan het hele lichaam, bij sommige is hij bijna helemaal verdwenen. (= bij sommige apensoorten, geen persoon)
- Niet alle zenders zijn gevoelig voor storingen. Sommige zijn gevoeliger omdat die op hogere frequenties zitten. (= sommige zenders, geen persoon)
- Sommige van die zenders zijn gevoeliger voor storingen. (geen persoon)
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Meervouden
Taaladvies.net
→ Enige(n), enkele(n)
→ De meeste / meesten van de aanwezige leden
→ Enkele / enkelen van hen
→ Sommige / sommigen van de medewerkers
→ Beide / beiden
→ Onder andere / onder anderen
In de taalkunde wordt bij de zelfstandige naamwoorden een onderscheid gemaakt tussen soortnamen en eigennamen. Een soortnaam is een woord waarmee verwezen wordt naar een persoon, dier, plaats, instelling, merk, zaak of tijdstip door de soort te noemen waartoe een bepaald individu of exemplaar behoort. De meeste soortnamen kunnen voorafgegaan worden door het onbepaald lidwoord een: een mens, tafel, rechtbank, hond.
Een eigennaam is de officiële naam waarmee men verwijst naar een unieke persoon, plaats, instelling, een merk of een historische gebeurtenis: Hugo Claus, Amsterdam, Raad van State, Coca-Cola, Tweede Wereldoorlog. In de meeste gevallen worden eigennamen met een hoofdletter geschreven.
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Hoofdregels
→ Spellingsregels: Bezitsvormen
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Hoofdletters of kleine letters?
→ Leidraad: Bezitsvorm van zelfstandige naamwoorden
Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)
→ Indeling van de substantieven: Semantische indelingen
Woorden die soortnaam zijn, schrijven we in de regel met een kleine letter: stoel, tafel, wolk. Die regel geldt ook voor namen waarmee we planten, dieren en fruit benoemen. Het maakt daarbij niet uit of het om de naam van een familie, geslacht of soort gaat. Bijvoorbeeld: groene specht, huismus, olifant, paard, reptiel, rode bosmier, bosanemoon, jonagold, kiwi, madeliefje, rode biet, tulp, wilde kastanje.
Ook dier- en plantnamen die naar een eigennaam genoemd zijn, krijgen een kleine letter: dalmatiër, shetlander, shetlandpony, himalayaceder. De hoofdletter blijft wel behouden in namen met een afleiding van een aardrijkskundige naam, bijvoorbeeld Vlaamse gaai, Afrikaanse leeuw en Libanese ceder.
In de Latijnse benamingen krijgt de naam van het geslacht bij conventie een hoofdletter en de naam van de soort een kleine letter (Homo sapiens, Panthera leo, Wisteria sinensis).
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Hoofdletters
→ Spellingsregels: Aardrijkskundige namen
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Hoofdletter voor een eigennaam
→ Leidraad: Persoonsnamen
Taaladvies.net
→ Dier-, plant- en fruitnamen (hoofdletters?)
→ Wijnsoorten (hoofdletters?)
De correcte spelling is sowieso, zoals in het Duits. Sowieso heeft een nogal vage betekenis: 'in het algemeen, in elk geval, toch al, hoe dan ook'.
Er hoeft geen bezwaar gemaakt te worden tegen het gebruik van het woord sowieso in het Nederlands, maar het is aan te bevelen het niet te pas en te onpas te gebruiken. Bij veelvuldig gebruik krijgt het gemakkelijk het karakter van een stopwoord.
Taaladvies.net
→ Überhaupt, sowieso
Sowieso heeft een nogal vage betekenis: 'in het algemeen, in elk geval, toch al, hoe dan ook'.
Er hoeft geen bezwaar gemaakt te worden tegen het gebruik van het woord sowieso in het Nederlands, maar het is aan te bevelen het niet te pas en te onpas te gebruiken. Bij veelvuldig gebruik krijgt het gemakkelijk het karakter van een stopwoord.
Taaladvies.net
→ Überhaupt, sowieso
Volgens de normen van het Bureau voor Normalisatie (NBN) en het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN) gebruiken we in getallen een spatie om groepjes van drie cijfers te scheiden en een komma als decimaalteken. In vakgebieden waarin veel belang wordt gehecht aan normen, bijvoorbeeld de techniek en de exacte wetenschappen, is het raadzaam die richtlijnen te volgen.
- 10 000 000
- 10 234
- 10 234,68 euro
In de praktijk is het erg gebruikelijk om punten te gebruiken om de groepjes van drie cijfers te scheiden. Bij getallen van vier cijfers wordt in de praktijk meestal geen spatie en ook geen punt gezet.
- 10.000.000
- 10.234
- 10.234,68 euro
- 1452 deelnemers
- 1234 inzendingen
Om fraude tegen te gaan, kunnen we de cijfers ook zonder spaties of punten schrijven.
- een cheque van 10234,68 euro
De schrijfwijze met de punt als scheidingsteken kan in een internationale context tot verwarring leiden omdat de Engelstalige wereld de komma als scheidingsteken en de punt als decimaalteken gebruikt. In die context is het aan te raden om alleen de spatie als scheidingsteken te gebruiken. De spatie heeft het voordeel dat niemand die als decimaalteken leest.
Taaladvies.net
→ 10.000.000 / 10 000 000
→ Komma of punt bij decimale getallen
→ Komma of punt in geldbedragen
Er komt geen spatie voor een punt, komma, puntkomma, dubbele punt, vraagteken en uitroepteken. Erna komt wel een spatie.
- Ik ben gisteren naar de infosessie geweest. De directeur gaf toelichting bij de nieuwe maatregelen.
- Morgen zie ik Wendy, Bart en Suzy.
- Ik ga nu naar huis om het eten klaar te maken; daarna kan ik nog bij enkele vrienden langsgaan.
- Deze combinatie werd hem fataal: seks, drugs, rock-'n-roll en vet eten.
- Weet jij waar ik het boek kan vinden? Ik heb overal gezocht.
- Wat een onzin! Daar geloof ik niks van.
Voor en na een gedachtestreepje komt een spatie.
- Een halalhypotheek is een hypotheek waarbij − in overeenstemming met islamitische voorschriften − geen rente geïnd wordt.
Voor en na een beletselteken komt doorgaans een spatie, maar er komt geen spatie voor als een deel van een woord wordt weggelaten. Er komt geen spatie na een beletselteken als er een vraagteken of uitroepteken op volgt.
- Nee maar ... heb ik dat echt gezegd?
- Wel godv…!
Bij aanhalingstekens en haakjes komt er geen spatie achter het openende teken en voor het afsluitende teken. Er komt normaal gezien wel een spatie voor het openende teken en na het afsluitende teken, maar als er een leesteken op volgt, komt ook daar geen spatie. In het midden van een woord komt er geen spatie voor of na een haakje.
- Ze riep: 'Ga je mee naar huis?' Waarop hij antwoordde: 'Nee, ik blijf nog even.'
- Wij zullen voor u een energieprestatiecertificaat (EPC) opstellen.
- 'Nee', riep hij, 'ik blijf nog even.'
- Binnenkort moet het project op kruissnelheid komen (studiewerk, sensibilisering, productie en installatie).
- Gezocht: maatschappelijk werk(st)er.
Taaladvies.net
→ Beletselteken (…) (algemeen)
→ Gedachtestreepje
Spel wordt in het meervoud spellen als u het hebt over de benodigdheden voor een spel zoals u die in de winkel kunt kopen.
- Ik heb twee kaartspellen nodig om je die truc te kunnen tonen.
- In die winkel verkopen ze leuke gezelschapsspellen.
Ook als het gaat om een partij van een bepaald spel, is spellen de meervoudsvorm.
- Na zes spellen schaak kon hij niet meer helder denken.
In de andere betekenissen heeft spel de meervoudsvorm spelen, bijvoorbeeld als we het over het soort van spel hebben.
- Hou je van gezelschapsspelen, of meer van balspelen?
Om dezelfde reden spreken we over de Olympische Spelen en noemen we Middelnederlandse toneelspelen uit de 14e eeuw abele spelen.
Bij twijfel kunt u de verkleinvorm spelletjes gebruiken. Die is altijd juist.
Taaladvies.net
→ Spellen / spelen
Taaltelefoon
→ Spellingsregels
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ http://woordenlijst.org
Technische Handleiding - officiële spelling
→ http://taalunieversum.org/spelling/download/technische_handleiding.pdf
Taalunieversum
→ Spelling
De correcte spelling is spelotheek.
Voornaamwoordelijke bijwoorden, zoals eraan, erop, daaraan, hierop en waarover, kunnen meestal door andere elementen in de zin van elkaar gescheiden worden. Bij voornaamwoordelijke bijwoorden die samengesteld zijn met het onbeklemtoonde er, is de tendens tot splitsing heel algemeen. De gesplitste vorm is meestal gebruikelijker dan de ongesplitste.
- Hij heeft er niet aan / niet eraan gedacht.
- Zij heeft er niet op / niet erop gelet.
- Ik wil je er ook op / je ook erop wijzen dat de procedure erg lang kan duren.
- Dat is het boek waarover ik het / waar ik het over had.
Bij sommige woordvolgordes is de ongesplitste vorm met het onbeklemtoonde er uitgesloten, bijvoorbeeld Hij heeft eraan niet gedacht*. Bij beklemtoonde bijwoorden zoals daar en hier zijn meestal alle volgordes mogelijk.
- Hij heeft daar niet aan / niet daaraan / daaraan niet gedacht.
- Zij heeft hier niet op / niet hierop / hierop niet gelet.
Taaladvies.net
→ Er … op / erop
De spelling van het zelfstandig naamwoord is sponsor. Sponsor heeft twee meervouden: sponsors en sponsoren. Het meervoud sponsors is het gebruikelijkst. Sponsoren is formeler dan sponsors.
De spelling van het werkwoord is sponsoren.
Taaladvies.net
→ Sponsors / sponsoren, motors / motoren
Het zelfstandig naamwoord sponsor heeft twee meervouden: sponsors en sponsoren. Het meervoud sponsors is het gebruikelijkst. Sponsoren is formeler dan sponsors.
De spelling van het werkwoord is sponsoren.
Taaladvies.net
→ Sponsors / sponsoren, motors / motoren
We gebruiken het onderscheid spreektaal / schrijftaal om naar stilistische variatie in het woordgebruik te verwijzen. Onder schrijftaal verstaan we woorden en woordcombinaties die vooral in geschreven taal voorkomen; met spreektaal duiden we woorden en woordcombinaties aan die typisch zijn voor gesproken taal. Het onderscheid tussen spreektaal en schrijftaal komt in grote mate overeen met het onderscheid tussen informeel en formeel taalgebruik.
Met de termen spreektaal / schrijftaal wordt soms ook het onderscheid gemaakt tussen gesproken en geschreven taal, los van de stilistische variatie. Spreektaal verwijst dan naar alle uitingen van gesproken taal, schrijftaal naar alle uitingen van geschreven taal.
Taaltelefoon
→ In duidelijk Nederlands: Woordgebruik
→ In duidelijk Nederlands: Eigenlijke tekst
Taaladvies.net
→ Termenlijst: Schrijftaal / spreektaal
Namen van steden, gemeenten, landen en werelddelen zijn doorgaans onzijdig. Als we een lidwoord toevoegen, gebruiken we het onzijdige lidwoord het, bijvoorbeeld in het Frankrijk van na de oorlog. Om naar onzijdige woorden te verwijzen, gebruiken we het bezittelijk voornaamwoord zijn. Bij verwijzingen naar namen van steden, gemeenten, landen en werelddelen wordt dikwijls ten onrechte verwezen met haar.
- Brussel heeft nu
haar zijn eigen strand.
- Londerzeel eert daarmee
haar zijn beroemde inwoner.
Als we de naam van een stad, land of werelddeel door een soortnaam laten voorafgaan, richt het bezittelijk voornaamwoord zich naar dat woord.
- De gemeente Londerzeel eert daarmee haar beroemde inwoner. (gemeente is een vrouwelijk woord)
Taaltelefoon
→ In duidelijk Nederlands: Voornaamwoorden
Taaladvies.net
→ Haar / zijn (Venetië en - gondels)
→ Zijn / haar (de stad en - inwoners)
Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)
→ Mannelijke en vrouwelijke de-woorden
→ Vormovereenkomst
→ De relatie tot het antecedent
Het woord stad is een soortnaam en wordt in de regel klein geschreven. Dat geldt in principe ook als het woord wordt gevolgd door de naam van de stad.
- Louis groeide op in een middelgrote stad.
- De stad Leuven is bekend om haar universiteit.
- De stad Gent is zeker een bezoek waard.
Bij sommige stadsdiensten is de huisstijlafspraak dat stad wel een hoofdletter krijgt als het verwijst naar het stadsbestuur of de stedelijke overheid.
- Bekendmaking van een milieuvergunningsaanvraag en openbaar onderzoek door de Stad Gent.
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Instanties, bedrijven en organisaties
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Namen van instellingen, merken, titels
Zowel in het stadhuis als op het stadhuis is correct. Vaak zijn beide voorzetsels bruikbaar. Een huwelijk kan bijvoorbeeld zowel in als op het stadhuis worden voltrokken.
In het stadhuis verwijst sterker naar het concrete gebouw; het betekent 'binnen de muren van het stadhuis'. Op het stadhuis verwijst sterker naar de functie van het gebouw, als instelling voor administratieve dienstverlening en burgerlijke plechtigheden.
Taaladvies.net
→ In / op het gemeentehuis
Stagiair is de sekseneutrale vorm. Die kan zowel voor mannen als voor vrouwen gebruikt worden. Stagiaire is de vrouwelijke vorm. Die kan alleen voor vrouwen gebruikt worden.
- Wij zoeken nog drie stagiairs voor de maand augustus.
- Onze nieuwe stagiair / stagiaire heet Kimberly.
Taaladvies.net
→ Vrouwelijke beroepsnamen
De stam van een werkwoord is de vorm die we horen als we de uitgang -en (soms -n) van de infinitief weglaten. Het is de basisvorm van een werkwoord, waarop we ons baseren als we het werkwoord vervoegen.
- vinden: vind [vind]
- zingen: zing [zing]
- sturen: stuur [stuur]
- raden: raad [raad]
- komen: kom [kom]
- zetten: zet [zet]
- gaan: ga [gaa]
Er zijn twee soorten gevallen waarover verwarring kan bestaan: als de infinitief eindigt op -ven of -zen, eindigt de stam in de uitspraak op v of z, maar schrijven we op het einde f of s. In de vervoegde vormen schrijven we ook f of s (ze belooft, hij verhuisde), behalve aan het begin van een lettergreep: daar schrijven we wel v of z (we belo-ven, ze verhui-zen).
- beloven: beloof [beloov]: ik beloof, hij belooft, ik beloofde, ze hebben beloofd, we beloven
- verhuizen: verhuis [verhuiz]: ik verhuis, hij verhuist, ze verhuisde, ze zijn verhuisd, ze verhuizen
Taaltelefoon
→ Spellingsregels: Stam
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Zoek de stam
Taaladvies.net
→ Termenlijst: Stam
Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)
→ De stam
Volgens de Woordenlijst wordt standhouden aaneengeschreven, maar ook stand houden is correct.
De combinatie kan worden opgevat als een samengesteld werkwoord. Ze wordt dan aaneengeschreven en – zoals andere werkwoorden – ontkend met het bijwoord niet.
- Dat kaartenhuisje zal niet standhouden.
De combinatie kan ook worden opgevat als een woordgroep. Stand en houden worden dan los geschreven en stand wordt – zoals andere zelfstandige naamwoorden – ontkend met het telwoord geen.
- Dat kaartenhuisje zal geen stand houden.
Woordenlijst.org - officiële spelling
→ Leidraad: Woordgroep of samenstelling?
Taaladvies.net
→ Gebruikmaken / gebruik maken
De vraag stelt zich is standaardtaal in België. Standaardtaal in het hele taalgebied zijn: de vraag rijst, de vraag is, de vraag dringt zich op, de vraag komt op.
Taaladvies.net
→ Vraag (de - stelt zich)
Vervoeging:
- ik stofzuig, jij stofzuigt, wij stofzuigen
- ik stofzuigde, wij stofzuigden
- ik heb gestofzuigd
- de gestofzuigde kamer
De vorm stofgezogen* is niet correct.
Taaladvies.net
→ Stofzuigen: stofgezogen / gestofzuigd
→ Werkwoorden met een zwakke en een sterke vervoeging (algemeen)
Om een zin te onderbreken met een korte zin of een deel ervan kunnen we gedachtestreepjes, komma's of haakjes gebruiken. Over het algemeen wordt de voorkeur gegeven aan gedachtestreepjes of komma's, omdat die visueel minder storend zijn dan haakjes. Gedachtestreepjes leggen wat meer nadruk op wat ertussen staat; haakjes suggereren dat de toevoeging minder belangrijk is.
- In enkele gevallen – bijvoorbeeld bij levensverzekeringen – hebben wij uw medische gegevens nodig.
- In enkele gevallen, bijvoorbeeld bij levensverzekeringen, hebben wij uw medische gegevens nodig.
- In enkele gevallen (bijvoorbeeld bij levensverzekeringen) hebben wij uw medische gegevens nodig.
Taaladvies.net
→ Ronde haakjes, gebruik van -
→ Gedachtestreepje
Benamingen van schoolvakken, opleidingsonderdelen, vakgebieden en specialismen schrijven we met een kleine letter, behalve wanneer woorden volgens de spellingregels met een hoofdletter geschreven moeten worden, zoals namen van talen.
- het vak wiskunde, de les economie, orthopedagogiek
- Grieks, Engels, het vak Amerikaanse geschiedenis
- Katleen heeft gisteren wiskunde gestudeerd.
- Joris heeft zich gespecialiseerd in intensieve zorg.
In een schoolagenda, schoolrapport of curriculum, waarin vakken of opleidingsonderdelen onder elkaar opgesomd staan, schrijven we meestal alle namen met een beginhoofdletter. We doen dat dan omdat de namen in een lijst staan.
In titels en academische graden worden de vakgebieden en specialismen ook klein geschreven.
- Katleen is bachelor in de wiskunde.
- Joris studeert voor master in de wiskundige informatica.
- Els is doctor in de ingenieurswetenschappen.
De officiële benamingen van studierichtingen en opleidingen worden als eigennamen beschouwd en met hoofdletters geschreven.
- de studie Wiskunde, de leerlingen van de richting Wetenschappen-Wiskunde, de opleiding Geneeskunde, de bachelor(opleiding) Wiskunde, de master(opleiding) Journalistiek, studenten van de opleiding Algemene Economie
- Sara studeert Algemene Letteren.
Benamingen van vakgebieden en specialismen krijgen ook een hoofdletter als ze officiële aanduidingen voor een subentiteit van een organisatie zijn, bijvoorbeeld van een universiteit of een ziekenhuis.
- de vakgroep Wiskunde, de afdeling Kunstgeschiedenis, de afdeling Intensieve Zorg
- An studeert aan de faculteit Geneeskunde en Farmacie van de VUB.
Taaladvies.net
→ Studierichting Toegepaste Taalwetenschap (hoofdletters?)
synoniem = zelfstandig naamwoord
Substantieven benoemen 'zelfstandigheden': ze duiden onder andere personen, concrete of abstracte zaken, eigenschappen en gebeurtenissen aan. Ze kunnen worden gecombineerd met lidwoorden (de of het), voornaamwoorden (die of dat), telwoorden en bijvoeglijke naamwoorden. Meestal kan er ook een verkleinvorm van gemaakt worden. De meeste substantieven kunnen zowel in het enkelvoud als in het meervoud voorkomen, maar er zijn er ook die alleen een enkelvoudsvorm hebben (zoals ijs, vastgoed, vee) of alleen een meervoudsvorm (zoals hersens, kapsones, paperassen).
Ook eigennamen (Boudewijn, Dordogne, Woestijnvis) zijn substantieven.
Taaladvies.net
→ Termenlijst: Zelfstandig naamwoord
Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS)
→ Het substantief (zelfstandig naamwoord)
De combinatie succes kennen is standaardtaal in het hele taalgebied. In België wordt succes kennen wat vaker gebruikt dan in Nederland. Synoniemen voor succes kennen zijn onder meer succes hebben, succes behalen, succes boeken, succes oogsten, succes bereiken, een succes worden of zijn, succesvol worden of zijn.
- John Hiatt heeft altijd meer succes gekend in Europa dan in zijn thuisland.
- Een atleet die doping gebruikt, kan geen succes kennen.
- De achtste editie van Bruksellive kende opnieuw succes.
Taaladvies.net
→ Succes kennen
's Vrijdags en vrijdags zijn allebei correct, zonder verschil in betekenis. 's Vrijdags wordt voornamelijk in België gebruikt.
- 's Vrijdags / Vrijdags gaat hij drinken met zijn vrienden.
Op vrijdag en elke vrijdag zijn ook goed.
Taaladvies.net
→ Zaterdags / 's zaterdags, zondags / 's zondags
's Woensdags en woensdags zijn allebei correct, zonder verschil in betekenis.
's Woensdags is gebruikelijker dan woensdags.
- 's Woensdags / Woensdags gaat zij naar de kapper.
Op woensdag en elke woensdag zijn ook goed.
Taaladvies.net
→ Zaterdags / 's zaterdags, zondags / 's zondags
's Zaterdags en zaterdags zijn allebei correct, zonder verschil in betekenis. 's Zaterdags is gebruikelijker dan zaterdags.
- 's Zaterdags / Zaterdags gaat zij naar de muziekschool.
Op zaterdag en elke zaterdag zijn ook goed.
Taaladvies.net
→ Zaterdags / 's zaterdags, zondags / 's zondags
's Zondags en zondags zijn allebei correct, zonder verschil in betekenis. 's Zondags is gebruikelijker dan zondags.
- 's Zondags / Zondags gaat zij naar de kerk, met een boek vol zilverwerk.
Op zondag en elke zondag zijn ook goed.
Taaladvies.net
→ Zaterdags / 's zaterdags, zondags / 's zondags